Waarom iets leuks doen iets anders is dan iets leuks gedaan hebben

Job de Grefte

Uren achter de Xbox. Leuk om te doen, maar vaak minder leuk om gedaan te hebben. Net als veel bier drinken. Leuk om te doen, maar vaak minder leuk om gedaan te hebben. Andersom kan het ook. Bijvoorbeeld met betrekking tot studeren of opruimen, heel leuk om gedaan te hebben, maar vaak minder leuk om te doen.

Deze dichotomie tussen dingen die leuk zijn om te doen en dingen die leuk zijn om gedaan te hebben viel mij laatst op toen ik aan het nadenken was over wat nu de echt belangrijke activiteiten in het leven zijn. Het blijkt dat ik niet de eerste ben. Artistoteles maakte namelijk al het onderscheid tussen wat hij praxis en poiesis noemde, respectievelijk activiteiten waarin het doel in het uitvoeren van de activiteit zelf ligt en activiteiten waarvan het doel extern aan de activiteit ligt.

Alhoewel het op het eerste gezicht wellicht een triviaal onderscheid lijkt, was het de hoeksteen van Aristoteles’ begrip van het goede leven. Om goed te leven moest men volgens Aristoteles het leven opvatten als één grote praxis. Het doel van het leven is zo het streven naar geluk; het leven zelf. Mooi argument om in religieuze discussies over de zin van het leven te gebruiken, maar vooral ook een belangrijk onderscheid om duidelijk te maken dat al die uren achter de Xbox of al die uren aan de bar wel degelijk nuttig besteed waren. Niet de activiteiten waarvan men zegt dat ze ‘nuttig’ zijn, of waarvan gezegd wordt dat je ‘er later veel aan hebt’ zijn dus het belangrijkste voor een goed leven, maar eerder die activiteiten waarvan je direct al voelt dat ze je gelukkig maken door het ondernemen ervan zelf.

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat die activiteiten waarvan het doel buiten de activiteit zelf ligt nooit kunnen bijdragen aan een goed leven. Een bijbaantje kan soms nog zo vervelend zijn, het levert wel geld op waar bijvoorbeeld bier van gekocht kan worden. Het is echter belangrijk om te zien dat deze enkel middelen opleveren, en dus niet als doel op zich enige waarde hebben. Denk daar maar eens over na als je half dronken aan de toog staat terwijl je eigenlijk tentamens ‘moet’ leren.

Advertisements

5 thoughts on “Waarom iets leuks doen iets anders is dan iets leuks gedaan hebben

  1. heide89 says:

    Haha, zeer goed! Hoewel, eigenlijk ben ik ook weer niet zo heel blij met dit verhaal. Ik heb namelijk dezelfde conclusie al eens getrokken, en de twijfel over de juistheid er van deed de motivatie tot de poiesis-activiteiten minder afbrokkelen. Die is nu wel grotendeels verdwenen.

    Zonder gekheid, ik denk persoonlijk dat de waarheid wel iets meer in het midden ligt dan Aristoteles, en jij als zijn descendent, schetsen. Studeren, een bijbaantje en opruimen zijn inderdaad middelen, die het grotere doel dienen dat in dit geval geld en orde scheppen. Maar daarnaast creëren ze ook een soort ‘goed-bezig-zijn-gevoel’, wat je als een doel opzich (streven naar geluk) en als een middel (zo heb je meer zin om aan de bar te hangen) zou kunnen zien.

    Ik neig toch wel een beetje naar het eerste. Daarnaast acht ik de mens in het algemeen, mezelf incluis, niet in staat om altijd de goede afwegingen te maken en dus om bijvoorbeeld het belang van de studie op de juiste waarde te kunnen schatten.

    Conclusie: mooi verhaal, al ben ik het niet vollédig met je eens (wel grotendeels). Uit interesse; beschrijft Aristoteles ook een bepaalde voorwaarde voor het kiezen van ‘streven naar geluk’ als je levensdoel? Bijvoorbeeld dat dit niet (te veel) ten koste mag gaan van anderen?

  2. jobdegrefte says:

    Dankjewel! Uiteraard doet dit stukje opinie, zoals waarschijnlijk de meeste opiniestukken, onvolledig recht aan de complexiteit van de werkelijkheid. Het denk ik belangrijk om toe te voegen dat wat precies voor een bepaald persoon telt als poiesis en wat als praxis afhankelijk is van zowel de persoon als de situatie. In zoverre het studeren en opruimen zelf een geluksgevoel teweeg brengen (zoals bij mij vaak het geval is) tellen ze als praxis. Echter, ik haalde ze aan als voorbeelden omdat ze dat soms ook vooral niet doen.

    Verder, Aristoteles was volgens mij van mening dat streven naar geluk het absolute doel van de ethiek is, en in die zin niet aan voorwaarden verbonden. Hoe mensen op een goede manier samen kunnen leven hoort volgens hem thuis in een ander domein, namelijk dat van de politiek. Tenzij iemand bijvoorbeeld een geluksgevoel behaalt aan het rekening houden met anderen zelf. Ethiek gaat in deze visie dus over persoonlijk geluk, en politiek over maatschappelijk nut. Het politieke domein kan, en moet volgens Aristoteles, soms ingrijpen op het persoonlijke streven naar geluk om het maatschappelijk nut te vergroten. Maar dit neemt niet weg dat ieder mens op het diepste niveau streeft, en volgens Aristoteles dus ook moet streven, naar persoonlijke geluksmaximalisatie.

    • heide89 says:

      Maar even een simpel voorbeeldje; ik jat geld van jou en ik ben een persoon zonder geweten. Dan vergroot ik mijn eigen geluk, omdat ik meer geld heb nu, maar het gaat ten koste van jou. Moet een mens hier naar streven?

      Waarschijnlijk is het antwoord dat een mens wél een geweten heeft, dat hem tegenhoudt. Of niet?

  3. jobdegrefte says:

    Ja, waarschijnlijk zijn er weinig mensen die netto gelukkig worden van het jatten van geld. Niettemin zouden de mensen die hier wél echt gelukkig van worden door moeten gaan met jatten. Maar aangezien het de taak van de staat is volgens Aristoteles om de totale hoeveelheid geluk van haar bevolking te vergroten, zal deze er naar streven om maatregelen te nemen die het streven van de mensen wiens geluk wordt geschaad doordat er van ze gejat wordt te beschermen. Voorbeeld hiervan kan zijn het strafbaar stellen van diefstal. Dit is echter alleen gerechtvaardigd als mensen er netto meer hinder van ondervinden dan het geluk dat hierdoor verkregen wordt, en dus eerder een praktische beslissing dan een ethische.

    Neemt niet weg natuurlijk dat zulke zaken in de praktijk nauwelijks meetbaar zijn, maar goed, dit is de theorie. Verder is Aristoteles natuurlijk beroemd om zijn deugdethiek, en zijn beeld van de mens was dan ook dat er bepaalde universele deugden zijn die voor mensen wel in detail kunnen verschillen, maar niet in grote lijnen. Zo leidt de deugd rechtvaardigheid volgens Aristoteles bij iedereen tot een groter geluksgevoel. Ik ben het niet helemaal eens met Aristoteles hier, maar hiermee kan de term ‘geweten’ wel uitgelegd worden.

  4. Heide89 says:

    Job, ik lees dit stuk nog eens terug en heb nog twee mooie voorbeelden:

    * Praxis: eten bij McDonalds. Super om te doen, heel kut om gedaan te hebben.
    * Poiesis: fitnessen. Niks aan om te doen, maar je fietst weg met een zeer tevreden gevoel.

En wat denk jij?

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

Advertisements
%d bloggers like this: