Een nieuwe kijk op de werkelijkheid

We gaan op trainingskamp naar Epe. Vanuit de hotelkamer kan ik het veld zien; een biljartlaken. Wat zou het mooi zijn om daarop lekker te kunnen trainen. Schieten, vrijlopen, passen, coachen, tackelen. Maar in Epe gaat het weer mis. Hoofdpijn. Maandag, maar ook dinsdag. En woensdag. En de rest van de week. Daar gaan we weer. Maanden gewerkt aan m’n herstel, maanden van hele voorzichtige vooruitgang, eindelijk van die dagelijkse hoofdpijn af en bam, daar is het weer. Wat nu?

Zo’n terugslag betekent heel wat stappen terug. Eigenlijk begin je weer van voren af aan. Van dagelijkse hoofdpijn naar Eredivisievoetbal, dat gaat niet zomaar. Kan ik dit allemaal nog aan? Fysiek, maar ook mentaal? Ik had mezelf nog wel zo ingeprent dat het niet nog eens mis mocht gaan. Vooruitgang is prima, hoe langzaam ook. Met stilstand kan ik leven. Maar géén terugslag deze keer. Géén dagelijkse hoofdpijn meer.

Er gaat een hoop door je heen in zo’n week. Hoe lang zal de hoofdpijn aanhouden? Wanneer kan ik weer trainen? Hoe laat ik de fysiotherapeut op de club inzien dat ik opnieuw een flinke stap terug zal moeten doen? Hoe communiceer ik dat? Wat vinden de trainers ervan? En de rest van de club? Teamgenoten, mensen van kantoor, supporters… “Heeft-ie dan weer hoofdpijn?” En “is het niet iets mentaals?”.

Ik kan me het moment nog goed herinneren. Cambuur – Dordrecht, tien minuten voor tijd. Ik ben net ingevallen en er komt een voorzet uit een corner. Ik raak de bal, Lima raakt mij. Ik val op de grond, duizelig. Meteen sta ik op en wankel over het veld. Ik gebruik m’n handen om in evenwicht te blijven. De scheidsrechter komt naar me toe. “Gaat het wel? Hoeveel staat het?”, vraagt hij. Ik heb geen idee. Ik zoek het scorebord, maar dat is nergens te vinden. Alles is één grote waas. “Het gaat wel”, zeg ik, “het gaat wel”, en het spel gaat verder. Ik speel de resterende tien minuten uit. De waas trekt beetje bij beetje weg.

Een flinke dosis pech kan je het wel noemen. Op m’n 18e debuteerde ik in het eerste van Drachtster Boys, in de eerste klasse. Na twee jaar maakte ik de stap naar hoofdklasser Flevo Boys. We promoveerden naar de Topklasse en weer een jaar later werd ik opgepikt door Cambuur. Stapje voor stapje van de eerste klasse naar de Jupiler League dus. De Eredivisie had het volgende station moeten zijn. Van CVVB naar Ajax. Van een tribune van zeven zitplaatsen bij vv Holwierde naar vijftigduizend stoeltjes in de Kuip. Het had zo mooi kunnen zijn.

Niemand kan mij zeggen hoe lang de fysieke klachten nog zullen aanhouden. Regelmatig wordt me gevraagd wat de specialisten zeggen. Tja, de specialisten. Die zeggen een hoop. Ik geloof ze niet meer, het vertrouwen is weg. Er is maar één iemand die ik hierin echt vertrouw en dat is Allert Pol, mijn ‘eigen’ fysio. De rest niet. Die doen aan lopende band-werk. Groeten, vragen, onderzoeken, adviseren, volgende.

Het ligt overigens niet aan de specialisten dat ik niet weet waar ik aan toe ben. De klacht waarmee ik rondloop kent een enorme variatie in hersteltijd. De een is een dag na zo’n hoofdbotsing alweer klachtenvrij, de ander loopt er z’n hele leven mee rond. Dat is ook het vervelende; je weet niet waar je aan toe bent. De streefdatum voor m’n rentree stel ik om de haverklap bij. Een dag na de botsing, begin oktober van vorig jaar, dacht ik dat ik in de volgende wedstrijd, tegen FC Den Bosch, wel weer mee zou kunnen doen. Toen dat niet mogelijk bleek, was de eerste wedstrijd na de winterstop mijn doel. Toen het einde van het seizoen. Daarna het begin van volgend seizoen. Weken werden maanden, maanden ruim een jaar.

Mijn klachten bestaan voornamelijk uit hoofdpijn. De oppervlakkige hoofdpijn, aan de buitenkant van m’n hoofd, is het minst vervelend. Die kan snel wegtrekken. Vervelender is de diepe, hardnekkige hoofdpijn, vlak boven m’n oogkassen. Naast hoofdpijn heb ik veel last van licht. Zonlicht kan ik slecht verdragen. Mijn zonnebril gaat daarom overal mee naartoe. Ook het licht van beeldschermen, zoals televisie, laptop en telefoon, is vervelend. Voor lawaai geldt hetzelfde. Van luide muziek krijg ik (meer) hoofdpijn, van massaal zingende voetbalsupporters net zo. Thuiswedstrijden van Cambuur volg ik daarom, als ik fit genoeg ben, met oordoppen in. Ik draag meestal een pet, zodat de lichtmasten niet rechtstreeks in m’n ogen schijnen.

Ik word er niet vrolijk van, zo’n thuiswedstrijd. Dat begint al ver voor de wedstrijd. De wedstrijdspanning, het gevoel dat op zo’n wedstrijddag alles in het teken staat van presteren, dat heb je niet als geblesseerde speler. Je teamgenoten pakken hun ideale slaapritme, eten op vaste tijden en voeren hun rituelen uit, terwijl jij een half uurtje voor aanvang van de wedstrijd richting het stadion fietst. De echte binding met het team gaat steeds meer verloren.

Bovendien moet je tijdens zo’n thuiswedstrijd heel vaak hetzelfde verhaal vertellen. Op weg naar het stadion, aan een geïnteresseerde supporter. In de business club, aan een bezorgde sponsor. En op de tribune, aan een meevoelend familielid van een teamgenoot. Ik merk dat ik steeds meer een vast riedeltje afwerk (dat het wel ietsje beter gaat, dat ik nog wel redelijk veel last heb en dat ik niet weet wanneer ik weer kan trainen) en zo snel mogelijk het onderwerp naar de ander probeer te verschuiven.

Je kunt niet zeggen dat ik er niet alles aan doe om weer fit te worden. Ik heb een stevig matras en een goed kussen met nekrol gekocht, voor een betere houding ’s nachts. Ik heb een polariserende zonnebril gekocht, en heel wat verschillende oordoppen. Heb wekenlang elke dag gestoomd met kamille, om m’n luchtwegen open te krijgen. Producten waar cafeïne in zit laat ik staan. Ik heb een boek gelezen over het reguleren van je ademhaling. Heb in rode koorden gehangen om m’n nekstabiliteit te testen en te verbeteren. Laat minstens twee keer per week m’n nek los masseren bij Allert, ben bij de huisarts geweest voor oxazepam, om het piekeren in te perken en ik heb op advies van een diëtist een tijdje suikervrij gegeten. Maar om nou te zeggen dat het zoden aan de dijk heeft gezet…

Het wordt steeds lastiger m’n dag goed in te delen. Op maandagavond geef ik training aan de A1 van Drachtster Boys, op woensdagavond volg ik een trainerscursus bij de KNVB en er staan elke week een aantal behandelingen gepland. Verder is de agenda leeg. Series kijken of spelletjes doen op de laptop kan niet, beeldschermen zijn één van de grootste boosdoeners. Regelmatig m’n vrienden opzoeken ook niet. Lezen kan wel, maar niet te lang. Ook dat zijn prikkels.

Wat doe je dan wel op zo’n dag? Een paar keer extra snoozen ’s ochtends, extra lang douchen, uitgebreid ontbijten met de krant, wat opruimen, een stukje door de stad slenteren… En tussendoor wat beeldschermloze bezigheden. Puzzelen bijvoorbeeld, of schilderen. Ik heb zelfs een 1-persoons spelletje gekocht. Een soort patience, maar dan leuker. ‘Vrijdag’ heet het. De botsing was ook op een vrijdag.

Ik ben overal geweest. Eerst werd ik onderzocht door de mensen op de club; de clubarts, de fysiotherapeuten en de verzorgers. Via Allert kwam ik bij dokter Goedhart terecht, voormalig arts van het Nederlands Elftal en nu clubarts bij Vitesse. Daarna ben ik bij een neuroloog in Leeuwarden geweest. Toen bij een neuroloog in Groningen. En bij verschillende fysiotherapeuten, in verschillende praktijken. Bij een revalidatiecentrum. Bij een manueel therapeut. En bij een soort spiritueel genezer, die ‘mijn energielekken dichtte’.

Regelmatig zit ik te rekenen. Als over een maand de dagelijkse hoofdpijn weg is, en ik nog drie maanden nodig heb om weer helemaal wedstrijdfit te worden, dan kan ik Ajax-uit nog halen. En misschien zelfs wel SC Heerenveen-thuis, met een beetje geluk. Maar wat nou als ik helemaal niet meer fit word? Als ik nooit meer kan voetballen? En geen hele dagen kan werken? Hoe komt er dan brood op de plank? Die ziektewetuitkering houdt een keer op.

Henk de Jong, onze assistent-trainer, stelt voor dat ik eens bij Gerrit van der Heide, een bekende van hem, langsga. Hij noemt zichzelf coach, of begeleider, maar volgens mij is hij gewoon een psycholoog. Niet zo iemand die je anderhalf uur lang zit aan te staren op een muf kantoor, en bewust stiltes laat vallen om je over je gevoel te laten praten. Wel iemand die met je gaat wandelen, in de natuur, en je anders tegen dezelfde dingen laat aankijken. Op zijn website staat één zin: ‘een nieuwe kijk op de werkelijkheid’.

Eerst bezocht ik mensen om me van mijn hoofdpijn af te helpen. Nu bezoek ik iemand om beter te leren omgaan met dezelfde klachten. Gerrit leert mij om niet langer met de hoofdpijn te worstelen, maar de situatie te nemen zoals die is. Hij leert me ook hóé ik dat doe. En hij laat me mijn blik richten op wat ik wél heb, en wat ik wél kan.

Die botsing heeft me zeker ook geholpen; ik heb er mijn vriendin door ontmoet. Als geblesseerde speler deed ik mee aan het nationaal schoolontbijt, in groep 8 op een basisschool in Leeuwarden. Als profvoetballer vertelde ik de kinderen over het belang van een goed ontbijt. Met de juf van groep 8 woon ik nu, ruim een jaar later, samen. 

Daarnaast heb ik iets wat anderen niet hebben: tijd. Tijd om me op bepaalde gebieden te ontwikkelen bijvoorbeeld. Ik kan geen hele dagen lezen, maar in een aantal uren per dag kan je toch een hele hoop opsteken. Over het trainersvak bijvoorbeeld. En over mentale begeleiding. Met je trainerscarrière kan je niet vroeg genoeg beginnen en door de botsing is die in een stroomversnelling geraakt.

Als je je realiseert dat het geen enkele zin heeft je druk te maken over dingen waar je geen invloed op hebt, dan sta je een stuk relaxter in het leven. En als je een stuk relaxter in het leven staat, krijg je minder hoofdpijn. Niet dat het een mentale klacht is… Het is overduidelijk ontstaan op een acuut moment. Maar het helpt wel mee. Of beter gezegd: piekeren werkt tegen. In de woorden van Gerrit: hoe meer je je tegen de hoofdpijn verzet, hoe meer je systeem de hoofdpijn in stand houdt. En zo kan het gebeuren dat de enige persoon waar ik níét heen ga voor minder hoofdpijn, me minder hoofdpijn oplevert.

Niet dat ik nooit meer pieker. Niet dat ik ’s avonds niet meer benieuwd ben hoe ik ’s ochtends wakker word. Niet dat het nooit meer gebeurt dat ik het allemaal even niet meer zie zitten. Maar het is wel heel fijn om te beseffen dat je je eigen geluk zelf in de hand hebt, hoofdpijn of niet. Dat kan in de Eredivisie zijn, in volle stadions. Maar ook bij Drachtster Boys, als ik even mee kan doen met het partijspel van de A1. Lekker schieten, vrijlopen, passen, coachen en tackelen.

Wanneer mijn hoofdpijn weg is, weet ik niet. Dat kan nog dagen duren, of weken, of maanden, misschien zelfs jaren. Maar dat ik eindelijk weer welgemeend ‘goed’ kan zeggen als mensen vragen hoe het met me gaat, dat is al een hele vooruitgang. Write your hurts in the sand, carve your blessings in stone, las ik ooit ergens. En zo is het.

Tagged ,

7 thoughts on “Een nieuwe kijk op de werkelijkheid

  1. Bram says:

    Marco is een sympathieke jongen, met een geweldige mentaliteit, en hij is bovendien een getalenteerde voetballer. Als supporter van Cambuur hoop ik stiekem dat hij ooit kan voortzetten wat hij is begonnen bij onze mooie club, maar ik hoop vooral dat hij zo snel mogelijk helemaal pijnvrij is. Zijn doelpunten tegen VVV (uit) en Sparta (thuis) staan me nog helder voor de geest en zijn kracht en Torinstinkt hadden we dit seizoen goed kunnen gebruiken. Veel beterschap Marco!

  2. Annet Stoker says:

    jeetje marco, ik had geen idee. Wens je heel veel sterkte toe!! groet Annet Stoker

  3. B. vd Bij says:

    Succes met je herstel en we hopen je snel weer in het geel/blauw te kunnen zien.

  4. John says:

    Marco wat goed dat je dit opschrijft. En wat een herkenbaar verhaal. Het is alsof je mijn leven beschrijft. Bijna ontroerend. Alleen ben ik uiteraard geen profvoetballer maar ben ik 2 jaar geleden tijdens het skiën gevallen en daardoor zijn dezelfde klachten ontstaan die jij hebt beschreven. Inmiddels ben ik al wel weer een jaar aan het werk maar ben zeker nog niet helemaal hersteld. Vooral het traject van medisch specialisten komt mij zeer bekend voor. Ik ben niet iemand die snel over mijn fysieke klachten praat maar ik zou graag met je in contact komen om eens een keer te praten. Misschien kunnen we elkaar helpen.

  5. […] het hele verhaal van Marco van der Heide wil lezen moet hier […]

  6. Succes kerel, je weet dat er 10.000 man achter je staan en die je een snel en 100% herstel toewensen. Sterkte!

  7. Sam says:

    Een verhaal waarbij de moed me soms in de schoenen zinkt. Wat gun ik jou persoonlijk een goed herstel en weer een leven zonder de hoofdpijn en dat gepieker. Voetbal is natuurlijk mooi, maar een goede gezondheid nog vele malen mooier.
    Of je ooit weer in het geel/blauw te bewonderen bent is voor mij van minder belang dan dat je weer helemaal gezond wordt.

    Een goed herstel toegewenst!

Leave a Reply to Annet Stoker Cancel reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: